|

Chopicalqui 6354m
De Chopicalqui, de buurman van de Huascaran, is een van de
hoogste bergen in de Cordillera Blanca het is mooi hoogalpine
uitdaging om hem te beklimmen. De Zuidwest graad(normaalroute)
is een uitdagende sneeuw en ijs tocht tussen veel grote spleten
door. Vanaf de top heb je een fantastisch zicht op de beide
toppen van de Huascaran. Vallei:
Quebrada Llanganuco
Basiskamp:
Neem een collectivo vanuit Huaraz (3 soles,1uur) naar Yungay , van hieruit
neem je een collectivo of taxi richting de twee meren in de
Quebrada Llanganuco. Vervolg de weg ongeveer 5km tot bij
kilometerpaaltje 77. vanaf hier is het slechts 30 minuten lopen
tot het basiskamp(4300m). Beter is dan ook om direct naar het
morenekamp(5000m) door te lopen. Vanaf het basekamp loopt aan de
rechterzijde een goed pad over verschillende morenenruggen naar
een dominante rots net onder de gletsjer. Hier zijn
verschillende plateautjes waar je je tent kunt opzetten. De top
kun je of vanhieruit of vanuit een gletsjerkamp(5600m)
beklimmen. Let wel op! De plaats waar je de gletsjer betreed is
steenslag gevaarlijk!!. Vanuit het morenenkamp volg je de
steenmannen naar de voet van de gletsjer. Eenmaal op de gletsjer
omzeil je de velen spleten richting de Zuidwest graad. Net voor
de graad maak je kamp(2-5 uur vanaf morainekamp), de route maakt
hier een steile bocht om op een 10m hoge ijswal te komen. Route:
Zuidwest graat: PD+/AD-
1550m vanuit het morainekamphoogte.
Materiaal: enkel ltouw, pickel, stijgijzers, helm, 2 (sneeuwankers
voor spleten redding)
Van het morainekamp volg je de lange graad omzeil de
spleten. Halverwege kom je een steilere ijsval tegen ongeveer 50
graden(in de gidsjes staat tot max 10m 80graden) met enkele
spleten. boven deze ijsval kom je een grote bergschrund tegen.
Beklim deze en vervolg de 40graden steile graat . tot een
schoder. Vanhieruit is de top in zicht. het laatste stuk is een
40 gradensteile topgraad met grote afgronden onder je(5-7 uur
vanaf colkamp). De afdaling is via de zelfde route. Pas op voor
de steenslagzone!! Verslag:

Maastricht, 21 augustus
Hallo
allemaal,
We zijn
er weer. We zijn weer thuis!!! Wat een rotweer!!!!
Hier een verslag van de laatste top die we beklommen: de Chopicalqui (
6354 m)
Zo
begon het: Toen we terug liepen van het Alpamayo-Basecamp kwamen we de
twee Duitsers tegen, die we ook op de top van de Ishinca en Tocclaraju
tegen het lijf waren gelopen. Ze vertelden ons dat het mogelijk was om
in 3 dagen de Chopicalqui te beklimmen en aangezien we nog 4 dagen over
hadden, leek ons dat wel een goed idee. We hadden natuurlijk andere
dingen kunnen gaan doen: paardrijden, relaxen, souvenirs kopen etc. Maar
nee, wij wilden per sé
nog 1 berg beklimmen. Toen we bij het gidsenbureau informeerden, werd
ons verteld dat er net die dag een ongeluk gebeurd was op de “Chopi”.
Een drager gehad een steen op zijn hoofd gekregen en lag nu in coma in
het ziekenhuis. Ook van anderen hoorden we dat er inderdaad een
steenslag-gevaarlijk stukje in de route zat, dus we wisten dat we uit
moesten kijken….
We
gingen op weg, na een rustdag ( en nacht, waarin ik me niet geheel
lekker voelde oftewel duidelijk kon merken dat het eten me niet goed
gevallen was oftewel mijn maaginhoud met bacteriën en al van het eten
van die avond eruit gooide). Het Basiskamp sloegen we over: we gingen
direct door naar het Morenenkamp op 4400 m, deze keer alles zelf
dragend. We konden helaas geen ezeltjes vinden die het leuk vonden om
over steile morenen te trampelen met hun hoefjes…. Hier stonden we met
een aantal Spanjaarden en een Amerikaanse gids met zijn Egyptische klant
en Cyrillo, hun drager. Het gesprek van de dag was het ongeluk, wat zich
op nog geen 200 meter van ons vandaan voltrokken had en we besloten
vroeg op pad te gaan, om eventuele steenslag voor te zijn.
Inderdaad zag ik de volgende dag bij het stijgijzers aandoen tot mijn
schrik op 2 meter van me vandaan een aantal roodgekleurde stenen, waarop
ik een aantal meters opzij ging op mijn stijgijzers verder onder te
binden. Thijs was een aantal honderden
meters achter me en eenmaal veilig op de gletsjer, wachtte ik- speurend
naar vallende stenen- tot ook hij uit de gevarenzone was. Na 10.30
vielen hier massa’s stenen naar beneden, doordat de rotsen (en de kleine
watervallen) ontdooiden en legio stenen meenamen naar beneden. Gelukkig
ware we vroeg vertrokken en viel het nu nog mee. Twee Duitsers die we
onderweg tegenkwamen, vertelden ons dat ze de top niet hadden gehaald
i.v.m. de aanhoudende wind en kou.
Hierna
ging het nog 600 m omhoog, over, door en langs gletsjerspleten, die soms
spectaculair breed ( en vooral diep) waren. Ik moest met mijn korte
beentjes af en toe erg mijn best doen om erover te springen en niet per
ongeluk erin.
Na een
lange, moeizame tocht ( deze keer had Thijs er wat moeite mee), kwamen
we aan op 5600 m, de plek waar we ons Gletsjerkamp opsloegen. Er waren
al grote vierkante standplaatsen in de sneeuw van een vorige groep, dus
we zochten de rechtste uit en zetten onze tent op. Hierna volgde een
middag van sneeuw smelten, soep en thee koken, kletsen met de inmiddels
gearriveerde buren, die beëindigd werd met
een fantastische zonsondergang, met uizicht op de Huascaran Norte en Sud,
de Pisco, Yanapaja en vele andere bergen. Toen de zon eenmaal onder was,
kwam de wind….Hij rukte zo hard aan de tent, dat we af en toe dachten
dat we 800m lager wakker zouden worden….
Maar…
om 00.40 werden we gewekt door de Amerikaanse gids, die we als wekker
hadden ingeschakeld omdat die van ons niet meer werkte. Een klein uur
later gingen we op pad, hoewel we onze twijfels hadden over het halen
van de top i.v.m. de nog steeds woedende storm. We besloten te gaan
zover we konden, zonder overmatige risico’s te nemen. In het schijnsel
van de bijna volle maan liepen we- zonder al te veel moeilijkheden- naar
het begin van de eerste ijsval. De maan verborg zich langzaam achter de
bergen en aangezien de
batterijen van mijn lampje het net op dat moment
begaven, werd ik genoodzaakt om deze 60 meter 55 graden steil ijs in het
donker te klimmen. Geen probleem, maar eenmaal boven probeerde ik de
batterijen toch te verwisselen, wat me bijna een bevroren hand
opleverde. De wind was nog steeds niet gaan liggen, wat voor een
gevoelstemperatuur van – 40 gr C zorgde. We voelden allebei onze tenen
niet meer en we overwogen om terug te gaan. Omdat het bijna licht zou
worden, besloten we toch om door te gaan. We kwamen bij de bergschrund
(randspleet ) waarvan iemand in Huaraz ons verteld had, dat hij door de
enige sneeuwbrug erover was gezakt. Inderdaad konden we geen sneeuwbrug
vinden en na 45 minuten omstebeurt proberen er overheen te klimmen (wat
niet eenvoudig was, omdat de spleet zeker 1,5 m breed was en daarboven
een steile sneeuwwand begon waar je ijsbijl het niet in hield), kwam de
Amerikaanse gids aan, die zei dat je 20 m verderop naar rechts wel over
de spleet kon komen. Dit ging inderdaad gemakkelijker en na de steile
wand hadden we eindelijk uitzicht op de top. Het was inmiddels 6.30 en
in de verte zagen we de zon opkomen. Om 7.00 uur stonden we ( als
eersten) op de top, al was het maar voor een paar minuten vanwege de nog
steeds aanwezige storm. Snel maakten we enkele topfoto’s. We daalden af
naar de tenten, waarbij we alles afklommen, bang dat we waren om bij het
stilstaan voor het maken van een abseil te bevriezen. Toen we bij de
tent aankwamen, lag deze net in de zon, zodat we beschut voor de wind,
konden ontbijten en ontdooien. Het was inmiddels 9.00 uur en de tijd
drong. Als we niet op tijd bij het gevaarlijke plekje met de
steenlawines aankwamen, moesten we misschien nog een dag op de gletsjer
blijven. Hier hadden we niet zo’n zin in: Ik wilde nog een hoop
cadeautjes en souvenirs kopen in Huaraz en Thijs had visioenen waarbij
een chocoladetaart telkens de hoofdrol speelde. Snel de tent afbreken
dus en naar beneden lopen. Net voor twaalven kwamen we in het Morenenkamp aan, waar het nog even zoeken was naar de achtergelaten
groene vuilniszak met eten en kleren, voordat we verder konden afdalen.
Om 1600 uur waren we beneden aan de weg, waar een corrupte taxichauffeur
ons naar beneden bracht terwijl hij probeerde ons veel teveel te laten
betalen.
Om
18.30 zat Thijs aan zijn eerste stuk chocoladetaart en 3 uur later, na
een heerlijk diner, begon hij aan zijn tweede. Hij had het verdiend:
storm en kou trotserend was hij boven gekomen, op zijn vijfde zesduizender, zijn derde in Peru en zijn vijfde top deze vakantie. Bijna
waren we omgedraai d; de berg was technisch niet moeilijk, maar met die
wind bijna onmogelijk. Toch hadden we doorgezet, zoals we deze vakantie
al een paar keer op onze tanden hadden moeten bijten en door hadden
moeten zetten. Samen waren we er altijd doorheen gekomen, elkaar
steunend op de moeilijke momenten, wetend dat we op elkaar konden
rekenen bij het klimmen en gewoon zo. Deze berg was een uitdaging die
alle eerdere bergen die we beklommen hadden te boven ging en waarvoor we
de ervaringen van al die eerdere bergen nodig hadden om hem te kunnen
beklimmen. Gelukkig hebben we de kans gehad om die ervaring op te doen
en we zijn er sterker uitgekomen.
Hopelijk heeft u kunnen meegenieten van onze avonturen. De hele website
is er ten slotte op gericht, om mensen die we kennen, te laten weten wat
we zoal doen in de ( voornamelijk) bergen, maar ook om de mensen die we
niet kennen te laten lezen over onze tochten en bergen, wandelingen en
natuur. Misschien doet u ideeën op en gaat u volgend jaar zelf naar
Zuid-Amerika of een van de andere landen waar we over schrijven. Mocht u
nog vragen hebben of opmerkingen over het een en ander, voel u dan vrij
om naar de webmaster te emailen. Wij lezen en beantwoorden graag alle
mails.
Groetjes Thijs en Femke
Referenties:
Classic climbs of the Cordillera Blanca, Brad Johnson, 2003,
ISBN: 1-890437-90-5
Cordillera Blanca nord (peru)
Alpenvereinskarte 0/3a, 2005, ISBN: 3-928777-57-2
Home
|